
Henk Wind probeert de hulpmiddelen uit zodat hij weet hoe het werkt. Op de achtergrond David Walinga en Wyke van de Witte. FOTO: SIMON BLEEKER
Luisteren en voelen en je stem uitbrengen
(Maria Del Grosso)
Sleuven en gaatjes waarin het stempotlood past. Zo ziet een stemmal voor blinden en slecht- zienden eruit. Een stembox vertelt je hoe het werkt. In Sneek mocht de doelgroep het alvast uitproberen.
‘Druk als u de partij van uw keuze hoort. U koos partij X, klopt dat?’ vraagt de stembox als ik in de biblio- theek van Sneek mag uitproberen hoe het is als je als blinde of slecht- ziende gaat stemmen en gebruik moet maken van hulpmiddelen. Ik druk op ok. De stembox heeft uitge- legd dat dat de meest rechtse knop van het kastje is naast de stemmal. ‘Luister rustig’, hoor ik en vervol- gens worden alle kandidaten beho- rend bij die lijst opgenoemd. Zodra de kandidaat van je keuze wordt ge- noemd, druk je weer op ok.
De stembox begeleidt je daarna naar de stemmal waar elke sleuf een partij voorstelt en elk gat in die sleuf een kandidaat. De box vertelt nu welke sleuf je moet hebben en welk gaatje. Dan is het alleen nog zaak het potlood in dat gaatje rond te draai- en. Het gaat de blinde David Walinga uit Sneek goed af. Maar dan komt het. Wie klaar is moet de bovenkant van de stemmal openen om het stemformulier eruit te halen. Dat moet nog opgevouwen worden. ,,Wat een gedrocht’’, zucht Walinga.
,,Maar goed zienden hebben ook moeite met vouwen.’’ Het is donderdag inloopmiddag in de bibliotheek van Sneek. De ge- meente Súdwest-Fryslân heeft dit georganiseerd voor blinden en slechtzienden en vrijwilligers die de- ze groep gaan begeleiden op het stembureau op 22 november. Om- dat de gemeente voor het eerst over apparatuur beschikt die het moge- lijk maakt voor blinden en slecht- zienden om zelfstandig te stemmen. Dat is een mijlpaal voor Walinga die met de werkgroep toegankelijkheid sinds 2021 strijdt voor aanpassingen van de stembureaus in Súdwest- Fryslân.
,,Een marathon’’, noemt hij zijn gevecht. ,,Alsof je een dubbele han- dicap hebt. Je bent blind en kunt niet deelnemen aan de democratie. Ter- wijl iedereen zegt dat inclusiviteit de basis van de democratie is. Dat ie- dereen mee moet kunnen doen. Maar bij verkiezingen geldt dat even niet.’’ De laatste verkiezingen moest hij uitwijken naar Harlingen, waar wel een aangepast stembureau was. De taxikosten daarvoor van 150 euro moest hij voorschieten, maar wer- den vergoed door de gemeente Súd- west-Fryslân. Ook nu vergoedt de gemeente taxikosten richting de aangepaste stembureaus in Sneek en Workum.
Henk Wind uit IJlst wil ook alvast proberen hoe de apparatuur werkt, zodat hij op 22 november goed be- slagen ten ijs komt. Hij heeft al een idee op welke partij hij gaat stem- men. De hele kandidatenlijst hoeft hij niet af te luisteren, weet hij nu al, want hij stemt sowieso op de lijst- trekker. Wind lijdt aan maculadege- neratie, een aandoening die bij hem het zicht snel deed verslechteren. In twee jaar tijd ging zijn gezichtsver- mogen terug van 100 procent naar 10 procent.
Fietsen lukt hem nog wel, lezen is heel moeilijk en dat geldt voor alles waarbij hij recht vooruit moet kij- ken. Bij Visio, het expertisecentrum voor slechtziende en blinde men- sen, heeft hij geleerd ,,om de hoek te kijken.’’ Zo kan hij zich nog aardig redden. Suzy Schilstra van de ge- meente Súdwest-Fryslân legt hem uit hoe de stembox en de stemmal werken. Tijdens de verkiezingen zul- len er bij deze apparatuur steeds twee vrijwilligers aanwezig zijn om te assisteren. Daarom kijken vrijwil- ligers Linda Zomervrucht en Wyke van de Witte alvast mee.
‘Ik was heel blij met de brief van de gemeente dat we dit mochten oefenen’
Wind vertelt dat hij zich ook zou kunnen redden als hij zijn iPhone boven het stembiljet houdt en de tekst kan vergroten. ,,Maar hoe rea- geren mensen daarop? Ze denken misschien wat doet die man met zijn mobiel boven dat stembiljet? Dan wordt er weer naar mij gekeken. Ik was heel blij met de brief van de ge- meente dat we dit mochten oefe- nen.’’
Zowel Wind als Walinga hecht er- aan zelfstandig te mogen stemmen. Walinga vertelt dat hij een traantje moest wegpinken toen hij de laatste keer in Harlingen zonder hulp zich kon redden. ,,En dat het me lukte een taxi vergoed te krijgen. Ook toen had ik de tranen in de ogen.’’
Bij het oefenen noteert hij slechts één minpuntje. De koptelefoon is geen noise-cancelling apparaat, dus worden de omgevingsgeluiden niet gedempt. In de bibliotheek vangt hij die omgevingsgeluiden op, maar straks op het stembureau zal er een rustig hoekje voor zijn doelgroep zijn.
Walinga heeft er vertrouwen in dat het goed zal gaan. ,,Dat vroeg ik me na de vorige keer in Harlingen toch wel af. Je twijfelt. Heb ik niet naast het vakje gekrabbeld dat ik moest hebben?’’ Hij maakt een woordspeling: ,,Wat dat betreft moe- ten wij er letterlijk blind vertrouwen in hebben.’’
